Naar de hoofdinhoud gaan
Terug naar het overzicht

regenwater

veilig afvoeren

Regenwater van oppervlakken onder het terugstuwniveau mag alleen gescheiden van huishoudelijk afvalwater via automatisch werkende afvalwateropvoerinstallaties, die buiten het gebouw moeten worden geplaatst, terugstroomvrij volgens DIN EN 12056-4 (opvoeren boven het terugstuwniveau, terugstuwlus) op de openbare riolering worden aangesloten. De afwateringsoppervlakken onder het terugstuwniveau die een verval naar het gebouw hebben, zoals garage-inritten, huisingangen of terreinverlagingen naar souterrainwoningen, moeten zo klein mogelijk worden gehouden.  

In uitzonderlijke gevallen, bijvoorbeeld bij grensbebouwing en binnenplaatsen in de binnenstad of kleine oppervlakken onder het terugstuwniveau met verval naar ingangen van het gebouw, zoals bij garagerampen, kan de afvalwaterpompinstallatie ook binnen het gebouw als dubbele pompinstallatie worden geïnstalleerd, mits het gebouw op geschikte wijze door bouwkundige maatregelen tegen overstroming wordt beschermd.  

Regenwater van kleine oppervlakken (ongeveer 5 m²) van keldertoegangen en dergelijke kan worden geïnfiltreerd. Indien dit niet mogelijk is, mogen dergelijke oppervlakken bij aanwezigheid van een natuurlijk verval via terugstuwbeveiligingen volgens EN 13564-1 worden afgevoerd, indien geschikte maatregelen, bijvoorbeeld drempels bij kelderingangen, overstroming van de laaggelegen ruimtes door regenwater voorkomen, zolang de terugstuwbeveiliging gesloten is. Hiervoor is een overstromingscontrole vereist.   

Afvalwaterverpompinstallaties die oppervlakken onder het terugstuwniveau afwateren, die bij overstroming gebouwen of andere materiële waarden in gevaar kunnen brengen, moeten zo worden ontworpen dat bij het optreden van een eeuwregengebeurtenis r(5,100) geen schade kan ontstaan. Tot deze oppervlakken behoren bijvoorbeeld huisingangen, kelderingangen, garage-inritten en binnenplaatsen. Bij kleine oppervlakken onder het terugstuwniveau met verval naar ingangen van het gebouw, zoals bij garagehellingen, kan de afvalwaterverpompinstallatie ook binnen het gebouw worden geïnstalleerd.   

Voor grote oppervlakken onder het terugstuwniveau die geen gevaar vormen voor gebouwen of materiële waarden, moet een overstromingscontrole volgens DIN EN 752 worden uitgevoerd met de minstens 30-jarige regenval in 5 minuten (r(5,30)). In deze gevallen moet de afvalwaterverpompinstallatie ten minste worden gedimensioneerd voor de vijfminutenregen die eens in de twee jaar (r(5,2)) kan voorkomen.   

Opvoerinstallaties voor regenwater moeten voldoen aan DIN EN 12050-1 voor nat opgestelde installaties, echter zonder fecaliënverdeling, of aan DIN EN 12050-2, en moeten worden gebruikt. De installaties moeten worden uitgevoerd als dubbele opvoerinstallaties.